Groen en duurzaamheid

Duurzaam en schoon Amsterdam

Waar staat de ChristenUnie voor?

Wij hebben de taak om zorgvuldig om te gaan met de schepping. Vervuiling van de lucht, verspilling van materialen en uitputting van hulpbronnen vormen een grote bedreiging voor de leefbaarheid, veiligheid en gezondheid. De ChristenUnie zet daarom in op een snelle en volledige energietransitie binnen één generatie. Er is geen tijd te verliezen. Een schone en circulaire economie levert veel op voor ons en voor volgende generaties: een gezondere lucht, een beter klimaat en een sterkere economie. De gemeente heeft hierin een belangrijke rol.

Wij willen zo snel mogelijk af van olie, gas en kolen en ruim baan maken voor schone energie. Energiebesparing in de industrie, gebouwde omgeving en mobiliteit wordt topprioriteit. Auto’s zonder uitstoot en energieneutrale huizen worden de norm. Materialen die de Schepper ons geeft willen wij niet verspillen, maar terugwinnen en hergebruiken. Wij kiezen voor de bescherming van waardevolle natuur en een verantwoorde omgang met ruimte en landschap in Nederland.

4.1 Energieke gemeente

Belangrijk is dat omwonenden nauw betrokken worden en kunnen meeprofiteren van de voordelen als het gaat om plannen voor energieopwekking, zoals de plaatsing van windmolens. Participatie zorgt ervoor dat lusten en lasten eerlijker worden verdeeld. Participatie kan op allerlei manieren: van een gebiedsgebonden bijdrage die terugvloeit naar de lokale samenleving tot een aandeelhouderschap van inwoners/coöperatie. Belangrijk is dat het wel mogelijk moet zijn om mee te doen, dus ook voor de kleinere portemonnee. Participatie zou hand in hand kunnen gaan met de levering van groene stroom aan inwoners/bedrijven.
● Duurzaamheid pakt de gemeente Amsterdam integraal aan: het onderwerp wordt in ieder beleidsstuk waar het relevant is, meegenomen. Heldere en meetbare tussendoelen zijn daarbij cruciaal. De gemeente ontwikkelt samen met de provincie een strategie om de energietransitie vorm te geven.
● De gemeente zorgt ervoor dat de eigen behoefte aan energie duurzaam, binnen de landsgrenzen opgewekt wordt.
● In de komende raadsperiode wordt het gemeentelijke inkoopbeleid volledig duurzaam en eerlijk: 100% schone energie uit Nederland en producten die voldoen aan de regels van eerlijke handel.
● Amsterdamse ambtenaren zijn bijgeschoold om kennis te hebben op het gebied van duurzaamheid.
<deze witregel zit erin ivm leesbaarheid en het groeperen van maatregelen>
● Coöperaties rondom duurzaamheid/milieu van inwoners en/of bedrijven worden aangemoedigd. De ChristenUnie stimuleert particuliere initiatieven (zoals energiecoöperaties) op het gebied van de klimaatopgave, zoals bij het plaatsen van windmolens in het havengebied. Bij grootschalige energieprojecten worden de belanghebbenden betrokken.
● Een inwoner kan op één plek terecht voor zowel technische als financiële arrangementen om zijn eigen woning aan te passen aan de toekomst. Bij het financiële arrangement speelt de gemeente een rol door te zorgen voor een fonds waaruit geleend kan worden.
● De ChristenUnie stimuleert initiatieven van woningeigenaren, buurten en andere verenigingen/stichtingen ten aanzien van de aanschaf van energiebesparende producten. Hierbij valt te denken aan zonnepanelen, zonneboilers, warmtepompen, isolatie, windenergie of groene daken, bijvoorbeeld door duurzaamheidsleningen.
● In de haven aangemeerde schepen maken gebruik van walstroom en wekken niet zelf energie op met smerige dieselgeneratoren.
● Er is sprake van uniforme en actuele energievoorschriften in de te verstrekken milieu-vergunningen en een adequaat handhavingsbeleid.

Afscheid nemen van gas en kolen
Inmiddels is de aansluitplicht voor gas op woningen verdwenen. De doelstelling is dat Nederland in 2050 geen aardgas meer gebruikt. De ChristenUnie wil dat Amsterdam versneld onafhankelijk is van aardgas, ten minste voor 2040. Huiseigenaren moeten dus aan de slag. Het sluiten van de Hemwegcentrale is noodzakelijk om Amsterdam Parijsproof te maken. De gemeente ondersteunt de maatschappelijke initiatieven om de Hemwegcentrale over te nemen en een andere bestemming te geven.

Nieuwe energiebronnen
Inwoners en bedrijven schakelen over op duurzame winning van energie. Gemeente Amsterdam heeft hier een arrangement voor gemaakt. Een inwoner moet op 1 plek terecht kunnen voor zowel technische als financiële arrangementen om zijn eigen woning aan te passen aan de toekomst. Bij de aangeboden oplossingen zou het lokale bedrijfsleven een grote rol moeten spelen. Bij het financiële arrangement kan de gemeente een rol spelen (zo mogelijk samen met de provincie) door een revolverend fonds op te richten en daardoor andere investeerders aan te trekken.
Nieuwbouw aansluiten op gas is niet toekomstbestendig. Voor nieuwbouw zijn verschillende alternatieven beschikbaar: onder meer zijn dat warmte koudeopslag (WKO), stadswarmte en de lucht/water-warmtepomp. Deze alternatieven zijn duurzamer en in veel gevallen op de lange termijn kosteneffectief. Bij nieuwbouw wordt er geen gasaansluiting aangelegd.

Zon
Het wordt tijd dat de grote lege daken van gebouwcomplexen en woningen gevuld gaan worden met zonnepanelen, al dan niet gecombineerd met groene daken. De gemeente zet zich in om energiecoöperaties te starten, zodat bewoners samen met private partijen met elkaar kunnen investeren in zonne-energie.

Energieopslag: buurtbatterij
Zodra de Salderingsregeling wordt stopgezet, wordt het voor bezitters van zonnepanelen interessant om energie op te slaan in batterijen. Momenteel worden de eerste experimenten gedaan met zogenaamde Buurtbatterijen. Dit zijn gedeelde batterijen waar je als wijk gebruik van kunt maken. De gemeente zal met de netbeheerder in gesprek gaan om te onderzoeken of en waar buurtbatterijen een waardevolle inpassing kunnen krijgen.

Energiegebruik omlaag
Ook bij het gebruik van duurzame energiebronnen blijft een zuinig energiegebruik de norm. Inwoners en bedrijven worden actief gestimuleerd om duurzaam verantwoord om te gaan met energiegebruik.
● De lokale industrie wordt uitgedaagd om met elkaar een energiebesparingsconvenant te sluiten. Door samen te werken, brengen bedrijven elkaar tot ideeën, en zetten ze extra stappen om energie-efficiënt te worden.
● Al het gemeentelijk vastgoed is klimaatneutraal en het wagenpark zuiniger en schoner.
● Er brandt in de stad teveel onnodig licht. Dat heeft negatieve gevolgen voor de dag- en nachtritmes van mens en dier en kost onnodig energie. Er wordt een actieplan opgesteld om lichtvervuiling tegen te gaan zonder dat dit ten koste gaat van de sociale en verkeersveiligheid. Energiebesparende technieken worden ingezet bij de verlichting van de stad. Ledverlichting is de norm bij openbare straatverlichting.
● Met woningcorporaties wordt afgesproken dat alle sociale huurwoningen in 2030 energieneutraal (nul-op-de-meter) zijn.
● Milieubelastende verwarmde terrassen worden tegengegaan en energiebesparing door winkels wordt gestimuleerd (bijvoorbeeld gesloten toegangsdeuren).

4.2 Schone lucht

De Amsterdamse lucht is nog veel te vies, vooral langs de grote verkeersaders en het havengebied. Willen we de lucht schoner hebben zullen rigoureuze keuzes moeten worden gemaakt. De gemeente komt in overleg met Milieudefensie met een actieplan met meetbare doelstellingen en aandacht voor particulier initiatief. Daarnaast wordt de luchtvervuiling door vliegverkeer beter in kaart gebracht.
● De milieuzones worden grondig geëvalueerd. De zones worden uitgebreid naar heel de stad en de haven.
● In de verkeers- en vervoersplannen zijn de CO2- en fijnstof- emissiereductie integraal opgenomen. Daarbij wordt aandacht besteed aan alternatieven voor de auto, het stimuleren van gebruik van openbaar vervoer en fietsverkeer.
● Wanneer de normen voor luchtkwaliteit worden gehaald, moeten maatregelen die zijn ingevoerd om dat te bereiken niet ongedaan gemaakt worden. Er is niks mis met lucht die nog gezonder is dan de norm.

4.3 Afval

De normen voor afvalscheiding worden steeds strenger. In 2020 mag er nog 100 kilo restafval per persoon per jaar zijn. In afval zitten waardevolle grondstoffen die niet verloren mogen gaan. Beter kunnen we afval daarom zien als grondstof. Als afval goed gescheiden wordt ingezameld bij de bron, kunnen de grondstoffen worden aangeboden voor hergebruik. De ChristenUnie vindt dat er voor lastig te verwerken afvalstromen een passende oplossing moet worden geboden. Initiatieven om minder verpakkingsmateriaal te produceren en te kopen worden gestimuleerd. Voedselverspilling wordt tegengegaan.
● Het tegengaan van zwerfafval heeft prioriteit. Daartoe verkent de gemeente de mogelijkheid om plastic flesjes en blikjes te vergoeden (€ 0,10) wanneer het ingeleverd wordt. Verder wordt er meer ingezet op buurtreiniging.
● De gemeente stimuleert Amsterdammers, scholen en maatschappelijke organisaties om afval op een juiste manier (en gescheiden) in te zamelen en faciliteert hen hierin zoveel mogelijk.
● Er wordt meegedaan aan landelijke bewustwordingsacties rond afval, zwerfvuil en compost.
● Er zijn voldoende (ondergrondse) containers voor onder meer glas, kleding, kunststoffen, papier en waar mogelijk ook sap- en melkpakken en blik.
● Hergebruik via kringloopwinkels en afvalbrengstations wordt gepromoot.
● Al het afval in de restafvalbak van de gemeentelijke milieustraten wordt verplicht nagescheiden, aangezien sorteerders hiervan vaak nog tientallen procenten alsnog kunnen recyclen.
● Te veel nog bruikbaar afval wordt verbrand. De gemeente Amsterdam zet maximaal in op recycling van het afval van huishoudens, bedrijven en de gemeente. Zij maakt hierbij optimaal gebruik van de reeks beschikbare sorteercapaciteit bij sorteerbedrijven.
● De gemeente verbrandt alleen afval dat niet verder gerecycled kan worden en zet in op maximale terugwinning van energie. In samenwerking met de andere afvalverbranders en het Rijk wordt gewerkt aan reductie van de capaciteit voor afvalverbranding.
● Het bevestigen van allerlei reclamemateriaal aan bijvoorbeeld auto’s en fietsen is hinderlijk en zorgt bovendien voor veel zwerfvuil. De ChristenUnie wil hierop een verbod.

Groene gemeente
Het is belangrijk om te weten waar ons eten vandaan komt. Daarbij is een betere verbinding tussen stad en platteland van belang. Stadslandbouw is daarom een goed idee. Het verlevendigt de stad, brengt onze voedselproductie dichter bij huis en maakt de openbare ruimte groener en leefbaarder. De gemeente geeft aan welke gronden er geschikt zijn om (tijdelijk) een stadsakker te beginnen.
● De gemeente stimuleert de aanleg van buurttuinen, waarbij duidelijk moet zijn of de grond niet vervuild is.
● De gemeente beschermt de volkstuinen.

4.4 Toekomstbestendig waterbeheer

‘Leven met water’ is een thema dat Amsterdam raakt. Door de toename van versteende gebieden (woonwijken, parkeer- en bedrijventerreinen) en meer extreme buien wordt de maatschappelijke en financiële schade vergroot. De extremen manifesteren zich ook in lange droge, hete periodes. Op beide zijn onze steden niet ingericht. Het is noodzakelijk dat de gemeente een strategie ontwikkelt hoe zij hier mee omgaat en hoe de verwachte schade beperkt kan worden. Een goede samenwerking met de waterschappen is hierin onontbeerlijk. Vervolgens kan met dit plan de samenwerking worden gezocht met de provincie en het deltaprogramma om de noodzakelijke financiering van de projecten rond te krijgen.
● Er komt de komende raadsperiode een klimaatadaptatieplan dat samen met burgers, het waterschap en de corporaties is ontwikkeld.
● Inwoners hebben een belangrijke rol als het gaat om waterberging. De gemeente werkt aan bewustwording op dit punt, bijvoorbeeld door een publiekscampagne in samenwerkingen met de bouwmarkten en tuincentra.
● Inwoners met onverharde tuinen krijgen korting op de OZB of op de rioolheffing.
● Er wordt zoveel mogelijk ingezet op een aparte afvoer van regenwater.
● De komende raadsperiode zetten we in op de aanpak van achterstallig rioolonderhoud.
● De gemeente stimuleert de aanleg van groene daken en kleinschalig groen, en geeft zelf het goede voorbeeld. Daarmee werken we in Amsterdam aan meerdere doelstellingen tegelijk: waterberging, verkoeling, biodiversiteit en zonnepanelen leveren meer rendement.