Veiligheid, diversiteit, drugs- en prostitutiebeleid

Veiligheid, diversiteit, drugs- en prostitutiebeleid

Waar staat de ChristenUnie voor?

De overheid heeft de plicht om inwoners te beschermen en criminaliteit te bestrijden.
Buurten en stadsdelen hebben een eigen aanpak nodig en inwoners moeten betrokken zijn bij het formuleren daarvan. Juist bewoners, winkeliers, scholen, politie en woningcorporaties dragen bij aan goede buurten. Veiligheid ligt voor een deel bij de inwoners zelf. Het begin van preventie is een liefdevolle omgeving om op te groeien. Hechte gezinnen vormen goede preventie. Gebrek aan zorg en liefde is een risicofactor, evenals anonimiteit en eenzaamheid. De overheid grijpt in daar waar het uit de hand loopt of dreigt te lopen. Daarnaast dragen burgers ook een eigen verantwoordelijkheid en kan de buurt zelf een rol spelen in het veiliger maken van de buurt. Elke wijk vraagt om haar eigen aanpak en bewoners en organisaties uit de wijk kunnen daaraan bijdragen en zouden daarvoor de ruimte moeten krijgen.

5.1 Een veilige samenleving

Ook bij de aanpak van veiligheidsproblemen toont de ChristenUnie haar hart voor de samenleving. Hard waar het moet, zacht waar het kan. De ChristenUnie heeft aandacht voor slachtoffers en hun omgeving en stimuleert een effectieve, op herstel gerichte, aanpak van daders.

De gemeente stelt zoals gebruikelijk een integraal veiligheidsbeleid vast, dat gebaseerd is op onderzoek en ervaringen in de verschillende buurten. Betrokkenheid van inwoners en organisaties is van groot belang bij de analyse van veiligheidsproblemen en bij het stellen van prioriteiten bij de oplossing daarvan.
In een veiligheidsplan staan doelen en verantwoordelijkheden van de organisaties die in samenwerking een rol spelen bij veiligheid. De ChristenUnie wil dat het integraal veiligheidsplan zo tijdig door de raad wordt vastgesteld, dat de gemeente invloed kan uitoefenen op het vaststellen van de prioriteiten voor de politie en andere partners in de veiligheidsketen.
Minstens één keer per jaar moet er overleg zijn tussen gemeenteraad, burgemeester, politie en openbaar ministerie waarin gesproken wordt over resultaten. Daarbij wordt ook verslag gedaan van de inzet van mensen en middelen, onderlinge samenwerking en aanrijdtijden van politie, brandweer en ambulances. De gemeenteraad moet een stevige vinger aan de pols houden bij beleid van de Veiligheidsregio.

Amsterdammers worden, als oren en ogen van de politie, actief betrokken bij de veiligheid op straat, in de wijk en in huis. Dit kan bijvoorbeeld door de inzet van Burgernet en WhatsApp-groepen.
Cameratoezicht is een noodzakelijk instrument om de veiligheid te vergroten als dit maar wel goed ingebed is in goede wetgeving (privacy).

De ChristenUnie stimuleert dat inwoners gemakkelijk melding kunnen maken van overlast en van crimineel gedrag, waarbij de politie contact legt met de melder over de resultaten. De mogelijkheid van het anoniem aangifte doen biedt burgers in sommige gevallen veiligheid, maar is nog onvoldoende bekend. De ChristenUnie vraagt om voorlichting over deze mogelijkheid.

De ChristenUnie hecht aan de rol van de wijkagent als aanspreekpunt voor burgers in de wijk en zijn coördinerende taak naar andere politiemedewerkers en de gemeente toe om problemen in de wijk concreet aan te pakken.

● Versterk de sociale samenhang in de buurt door als gemeente aan te sluiten bij initiatieven uit de buurt. Inwoners worden betrokken bij veiligheid in hun directe omgeving met middelen zoals Burgernet en Buurtpreventie Apps en worden per buurt betrokken bij het opstellen van het veiligheidsplan en de prioriteiten.
● De gemeente en de stadsdelen communiceren samen met de politie het gewenste gedrag richting de burgers. Niet alleen handhaving is nodig; het begint bij goede communicatie over de verwachtingen die de overheid heeft van de Amsterdammers.
● De wijkteams, buurtregisseurs en recherche staan onder grote werkdruk. Met veel zwaar werk te verzetten met weinig personeel komt de politie er niet altijd toe om repressief te werken en zichtbaar op straat aanwezig te zijn. Meer personeel op buurtniveau, evenals de versterking van de samenwerking met allerlei partijen, zoals welzijnsorganisaties. Er wordt ingezet op extra beschikbaarheid en zichtbaarheid van de wijkagent, zowel op straat als op social media. De wijkagent bouwt een netwerk op en weet bijvoorbeeld welke ouders of anderen al gezag hebben in de buurt en zo ingezet kunnen worden. De wijkagent wordt ondersteund door voldoende recherche- en ondersteunend personeel.
● Voor specifieke taken bij handhaving en toezicht worden Buitengewoon Opsporingsambtenaren (boa’s) en buurtpreventieteams ingezet door de gemeente.
● De burgemeester zorgt voor lage drempels voor het doen van (anoniem) aangifte en voor goede terugkoppeling door politie.
● Er is een actieplan criminele jeugdbendes, dat zo mogelijk past bij de Top600-aanpak. Hard optreden en tegelijk perspectief bieden zijn uitgangspunten. Ouders en het onderwijs spelen een belangrijke rol.
● De kosten van vandalisme worden verhaald op daders. De gemeente publiceert regelmatig de resultaten hiervan en de omvang van de schade ten gevolge van vandalisme door middel van een ‘vandalismemeter’.
● Het is goed dat veroordeelden, nadat ze hun straf hebben uitgezeten, weer met een schone lei in de samenleving kunnen functioneren. Ex-gevangenen worden begeleid zodat herhaling wordt voorkomen. Ook wordt hulp aangeboden in geval van psychische nood. Er is in Amsterdam ruimte voor organisaties als Stichting Exodus die opvang en ondersteuning bieden aan (ex-)gedetineerden.
● Criminaliteit digitaliseert en burgers zullen steeds vaker slachtoffer worden van allerlei vormen van internetcriminaliteit en online identiteitsfraude. Een nieuwe gezamenlijke aanpak is nodig om mensen (en hun devices) weerbaar te maken.
● Groot risico is er als basisvoorzieningen (voor langere tijd) uitvallen zoals stroom, communicatielijnen, water, etc. Deze netwerken moet optimaal worden beveiligd tegen hacks en cyberaanvallen.
● Oud & Nieuw en vuurwerk horen onlosmakelijk bij elkaar. Toch zijn er elk jaar veel vuurwerkslachtoffers te betreuren en brengt vuurwerk veel overlast en materiële - en milieuschade met zich mee. Er worden specifieke plekken in buurten aangewezen waar het vuurwerk mag worden afgestoken. Knalvuurwerk is verboden en er is een leeftijdsgrens voor verkoop en het afsteken van vuurwerk.

5.2 Diversiteit

Wij betreuren dat discriminatie in Nederland aan de orde van de dag is. De mens is geschapen naar het beeld van God. De ChristenUnie verzet zich daarom tegen alle vormen van discriminatie op oneigenlijke gronden.
In een tijd van onzekerheid is het zaak dat wij als mensen op elkaar kunnen bouwen. Als het vertrouwen in de naaste verdwijnt, is er geen sprake van een samenleving. De ChristenUnie wil dat de gemeente meer optreedt bij geweld tegen bijvoorbeeld Joodse en LHBT+ Amsterdammers. Wij willen dat Amsterdam een voorbeeldstad is van tolerantie en respect.
● Diversiteit is geen excuus om te selecteren op lichamelijke kenmerken, maar gaat uit van de talenten die mensen hebben. Targets zijn geen doel op zich; het gaat om de kracht van gemeenschappelijkheid.
● Er wordt streng toegezien op het toelatingsbeleid in de horeca. De overheid pakt discriminatie streng aan.
● De ChristenUnie steunt burgerinitiatieven ter emancipatie van achterstandsgroepen.
● Discriminatie van en geweld tegen Joodse Amsterdammers en LHBT+ers is een groot probleem in Amsterdam. De gemeente roept een taskforce in het leven die onderzoekt hoe dit probleem het beste bestreden kan worden. Deze taskforce bestaat onder andere uit mensen van de politie, het onderwijs, religieuze organisaties en jongerenwerkers.
● De gemeente vergroot de aangiftebereidheid bij groepen die veel te maken hebben met geweld en (straat-)intimidatie.
Discriminatie wordt een prominent gespreksonderwerp op school. De ChristenUnie pleit, daar waar het niet gebeurt, voor een campagne rond het onderwerp discriminatie, deze draagt bij aan ons gemeenschappelijk doel, zodat we allemaal kunnen zeggen: ‘Ons Amsterdam’.

Ondermijning: verwevenheid tussen boven- en onderwereld
De gemeente moet zich bewust zijn van de invloed van grootschalige criminele organisaties, o.a. op de ontwikkeling van het onroerend goed en vestigingen van MKB in de gemeente. De ChristenUnie is er voorstander van de wet Bibob gericht en zo veel mogelijk in te zetten. De gemeente werkt in de aanpak van ondermijning nauw samen met het RIEC (Regionale Informatie en Expertise Centra).
● De gemeente Amsterdam komt met een plan van aanpak Ondermijning ter bestrijding van verwevenheid boven- en onderwereld en daarmee aanpakken van de georganiseerde (grootschalige) criminaliteit.

5.3 Drugs- en drankbeleid

Mensen zijn te waardevol om in drugs of overmatig drankgebruik zichzelf, hun vrijheid en waardigheid kwijt te raken. Het gedogen van schrijnende situaties is geen oplossing, het creëert alleen maar nieuwe problemen. Legalisering van (soft-)drugs is al helemaal niet het antwoord. De overheid stelt duidelijk wat wel en niet mag en heeft oog voor onderliggende problemen.

De ChristenUnie wil de aanwezigheid van coffeeshops en het gebruik van drugs actief tegengaan en streng optreden bij overlast. Signalen uit de buurt moeten hierbij zwaar wegen. Wiet is en blijft een verboden middel. Door het wietgebruik tegelijkertijd wel te gedogen geeft de overheid een dubbele boodschap af. De ChristenUnie is tegen het zelf telen van wiet door gemeenten en is geen voorstander van experimenten hiermee in Amsterdam. Tegen illegale hennepkwekerijen wordt hard opgetreden. De gemeente moet meer doen tegen het toenemende gebruik en de groeiende acceptatie van synthetische drugs. Het dumpen van drugsafval levert enorme milieuschade op en gaat gepaard met illegaliteit en criminaliteit. De ChristenUnie wil dat Amsterdam zich in de regio/provincie sterk maakt voor een Taskforce Drugs om druggerelateerde criminaliteit en overlast aan te pakken.

De ChristenUnie wil overmatig alcoholmisbruik tegengaan. Met de Drank- en Horecawet van 2013 is de nodige ervaring opgedaan met gemeentelijke handhavingstaken. Deze handhaving vraagt om voldoende beschikbare en goed geschoolde handhavers. Wij vragen extra alertheid op de handhaving van leeftijdsgrenzen. De ChristenUnie wil dat de strijd tegen drankmisbruik gevoerd wordt samen met scholen, ouders, kerken, verslavingszorg, horeca, politie, sportverenigingen en andere betrokkenen.

● De ChristenUnie wil een actief handhavingsbeleid, waarbij het opleggen van bestuurlijke boetes niet wordt geschuwd.
● Bij voorlichting wordt gebruik gemaakt van de expertise van organisaties als Jellinek. Ervaringsdeskundigen kunnen de verschrikkelijke gevolgen van een verslaving helpen duidelijk te maken.
● Het aantal casino’s en gokhallen wordt verminderd en de vestiging van nieuwe wordt voorkomen.
● De gemeente organiseert voldoende toezichtcapaciteit voor de Drank- en Horecawet. De gemeente gebruikt hiervoor regelmatig mystery guests.
● Happy hours in de horeca en reclamestunts voor alcoholische dranken worden via convenanten of via de APV aan banden gelegd.
● Amsterdam zorgt als goede gastheer voor voorlichting over drugs aan toeristen, zoals een folder over de risico’s van drugsgebruik of via de website van toeristische organisaties.

5.4 Prostitutie

Prostitutie is mensonwaardig. Criminaliteit, mensenhandel, uitbuiting, eenzaamheid, misogynie en andere sociale problemen zijn de schrijnende werkelijkheid achter de schone schijn. Wij willen dat de gemeente zorg draagt voor voldoende hulp- en uitstapprogramma’s voor prostituees. Regelmatige prostitutiecontrole is nodig om schrijnende situaties op te sporen, te handhaven en om hulp (via een uitstapprogramma) te kunnen bieden.
Met de verschuiving van prostitutie van de clubs en bordelen naar het thuiswerken dan wel via internet diensten aanbieden, neemt de onzichtbaarheid van de prostitutiebranche toe en daarmee ook het risico op illegaliteit, uitbuiting en mensenhandel. De ChristenUnie wil daarom nieuwe afspraken maken over preventie, opsporing, zorg en samenwerking.
Voor exploitanten moet ondernemen in deze sector zo moeilijk mogelijk gemaakt worden. Daartoe komt er een one-strike-you’re-out-beleid. Na de ‘out’ wordt een pand herbestemd door de gemeente.
Onder jongeren speelt sexting en grooming een steeds grotere rol. De ChristenUnie vindt het belangrijk dat ouders en scholen samen optrekken als het gaat om voorlichting en hulpverlening.
● Amsterdam investeert in uitstapprogramma voor prostituees, ook als het Rijk daar geen middelen voor beschikbaar stelt. De gemeente inventariseert de knelpunten voor uittreders en past haar beleid hierop aan. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een urgentiestatus op de woningmarkt.
● Wij willen een uitsterfbeleid voor bestaande seksinrichtingen en de vestiging van nieuwe voorkomen. Het aanbieden van betaalde seks is geen taak van de overheid. Het gemeentebordeel sluit per direct haar deuren. Wanneer ‘ramen’ of bordelen gesloten worden, wordt goed nagegaan wat er met de vrouwen gebeurt. Sluiten alleen is geen optie.
● De gemeente Amsterdam zorgt voor een veilige opvang voor slachtoffers van loverboys, pooiers en mensenhandelaren
● De gemeente blijft ideële organisaties als het Scharlaken Koord subsidiëren, die aantoonbaar goed werk leveren.
● De gemeente zoekt naar een alternatief voor de registratieplicht van prostituees. Dit alternatief moet recht doen aan de privacy van de betrokkenen en heeft als doel het tegen gaan van mensenhandel.
● Initiatieven tot hulp aan bezoekers van prostituees worden door de gemeente gefaciliteerd. Bij voorkeur pleit ChristenUnie voor het strafbaar stellen van bezoekers van prostituees (het zogenaamde ‘Zweedse model’). Wanneer dit gerealiseerd wordt, dient er in Amsterdam stevig op gehandhaafd te worden.
● Zolang prostitutie realiteit is verzet de ChristenUnie zicht tegen de uitbuiting van prostituees. Het is daarbij belangrijk dat prostituees niet afhankelijk zijn van pooiers. Nu zijn ze dat vaak wel, omdat niet altijd adequaat door politie of bordeelhouders wordt gereageerd op incidenten. Er komt onafhankelijk hulp voor het invullen van formulieren, zodat prostituees niet afhankelijk zijn van hulp van derden (waaronder vaak een pooier).
● De Wallen zijn ook zonder seksindustrie aantrekkelijk voor toeristen, bijvoorbeeld met kunst en cultuur of door een gevarieerd winkelaanbod, vergelijkbaar met de negen straatjes. De aanprijzing van ‘the red light district’ in toeristische informatie moet worden geschrapt. De prostituees zijn geen attractie.
● Er is extra toezicht op illegale prostitutie in woonbuurten en hotels.
● Wijkteams/professionals volgen een training om loverboysituaties en gevallen van mensenhandel (thuisprostitutie) in de wijk te herkennen en maken afspraken met de politie over handhaving, melding en begeleiding.
● Op scholen wordt, zowel aan de ouders als aan jongeren, voorlichting gegeven over sexting, grooming en loverboys.

Mensenhandel en uitbuiting
Mensenhandel komt niet alleen in de prostitutie voor maar ook in de horeca, de agrarische sector en productiewerk in de vorm van economische uitbuiting. Alle mogelijkheden om mensenhandel en uitbuiting tegen te gaan, moet de gemeente benutten. Dat betekent dat de verschillende gemeentelijke diensten goed samenwerken en alert zijn op signalen van mensenhandel en daarbij samenwerken met partners zoals politie en openbaar ministerie.

5.5 Radicalisering

Radicalisering vormt een bedreiging voor de manier waarop wij in Amsterdam in vrijheid en veiligheid leven. Het kan levens verwoesten, drijft families tot wanhoop en laat professionals soms verslagen achter. Radicalisering ontstaat als personen of groepen opvattingen ontwikkelen die haaks staan op de democratische rechtsorde en bereid zijn daar in de praktijk voor ons onaanvaardbare consequenties aan te verbinden. Naast het beschermen van de samenleving, heeft de overheid ook een taak bij het beschermen van de individuele (minderjarige) burger. Aanpak van radicalisering bestaat daarom tegelijk uit het weerbaar maken van individuen tegen radicaal gedachtengoed. Vooral jongeren die op zoek zijn naar hun plek in de samenleving zijn kwetsbaar. Het is daarmee niet alleen een veiligheidsvraagstuk maar ook een maatschappelijk vraagstuk.
● In Amsterdam is er integraal beleid om radicalisering tegen te gaan.