Wonen, ruimte en natuur

Wonen, ruimte en natuur

Waar kiest de ChristenUnie voor?

Amsterdam is een prachtige stad om in te wonen. De bevolking zal de komende decennia verder groeien. Om deze groei op te vangen bouwt de gemeente veel woningen en zullen er ook veel nieuwe woningen gebouwd moeten worden. Zeker omdat in de stad steeds meer kleine huishoudens komen. Er is doelgericht beleid nodig om de woningmarkt op een duurzame manier in te richten en de leefbaarheid van Amsterdam te blijven waarborgen.

8.1 Wonen

Woningen voor starters, gezinnen en middeninkomens
De ChristenUnie kiest voor specifieke aandacht voor woningen voor gezinnen. Met 12% eengezinswoningen heeft Amsterdam met afstand het laagste percentage van het land en veel jonge gezinnen voelen zich gedwongen naar randgemeenten te verhuizen omdat er geen (betaalbare) woning voor handen is. De ChristenUnie is er van overtuigd dat we in Amsterdam gezinnen moeten koesteren; kinderen zorgen voor cohesie in de buurt. Het is belangrijk dat mensen zich aan de stad gaan hechten en gaan inzetten voor hun straat of buurt. Woningen voor gezinnen zullen niet alleen bestaan uit rijtjeshuizen, maar kan ook slimme appartementen in aantrekkelijke, levensloopbestendige wijken betekenen.
● Amsterdam stelt zichzelf ten doel om tenminste 15% van de woningvoorraad uit eengezinswoningen te laten bestaan.
● Projectontwikkelaars worden door de gemeente uitgedaagd om te komen met nieuwe woonconcepten voor stedelijke gezinnen en middeninkomens.
● Woningsplitsing en woningonttrekking wordt ontmoedigd. In wijken waar de leefbaarheid onder druk staat komt een verbod op woningsplitsing. In andere wijken wordt nadrukkelijker samengewerkt met de VvE om de houding ten aanzien van woningsplitsing te bepalen. Er komt een verbod op het splitsen van eengezinswoningen.
● In wijken met een hoog percentage sociale huurwoningen moeten huurders de mogelijkheid krijgen hun sociale huurwoning te kopen.
● Wij pleiten voor invoering van de zogenaamde starterslening voor mensen die sociaal of economisch gebonden zijn aan Amsterdam. Deze lening die door de gemeente wordt verstrekt is een extra lening voor de aankoop van een eerste koophuis. Speciaal voor die situaties waarbij de woonlasten net te hoog zijn voor het inkomen. Sommige jongeren hebben een steuntje in de rug via ouders, maar er zijn veel andere jonge mensen die dat niet hebben. De starterslening komt bovenop de hypotheek die een bank geeft en de lening is gedurende de eerste drie jaren renteloos en aflossingsvrij. Daarna moet rente en aflossing worden betaald. De starterslening wordt uitgevoerd door de Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting.
● Het moet mogelijk worden om vergunningvrij een tijdelijke en verplaatsbare mantelzorgwoning te laten plaatsen als bijgebouw. Hierin kunnen voorzieningen als woonkamer, slaapkamer, keuken en badkamer zijn. Bij gebrek aan ruimte moet woningsplitsing mogelijk zijn.

Toekomstige generaties
Keuzes die we nu maken, hebben gevolgen voor de leefomgeving van toekomstige generaties. De gemeente heeft hierin een belangrijke regierol. Ecologische, economische en demografische ontwikkelingen (krimp en/of groei) maken het mogelijk en noodzakelijk dat er een omslag komt: van sloop en nieuwbouw naar hergebruik, van bebouwen van de open ruimte naar hergebruik en herstructurering van al bebouwd gebied. De gemeente Amsterdam zal duidelijke keuzes moeten maken. Ruimtelijke ordening is bij uitstek het onderwerp waar inwoners nauw bij betrokken moeten worden, want het gaat tenslotte over de kwaliteit van de eigen leefomgeving.
● De ChristenUnie wil de transformatie van kantoorgebouwen naar woningen krachtig bevorderen. Daarbij wordt voorkomen dat gemeenten de verliesposten krijgen van de projectontwikkelaars. De gemeente heeft vooral een rol in wijziging van bestemmingsplannen.
● Leegstaand gemeentevastgoed en ruimte boven winkels wordt in samenspraak met de gemeente beschikbaar gesteld als startup co-working spaces die met behulp van collectieve huurovereenkomsten aantrekkelijk zijn voor startups om te gebruiken.
● De gemeente ontwikkelt een plan van aanpak ‘asbestsanering’ zodat alle daken in Amsterdam voor 2024 asbestvrij zijn. Hiervoor wordt samenwerking met de Provincie gezocht.
● Door middel van een woonvisie met ambitieuze duurzaamheidsdoelstellingen voert de gemeente een integraal en duurzaam woonbeleid. Levensloopbestendige woningen zijn de norm.
● Amsterdam spreekt de ambitie uit al in 2040 (momenteel 2050) een aardgasloze stad te zijn en intensiveert de inspanningen om reeds bestaande woningen van het gas af te halen.
● Amsterdam bouwt zoveel mogelijk levensloopbestendige woningen en wijken, ondersteund door een goede infrastructuur. Eventuele belemmeringen in de regelgeving worden zoveel mogelijk weggenomen. Renovaties worden door woningcorporaties aangegrepen om woningen levensloopbestendig te maken.
● Gemeente ziet erop toe dat alle woningen een energielabel krijgen, zoals wettelijk verplicht is.

Woningcorporaties
Bij de realisatie van goede sociale huurwoningen en behoud van de leefbaarheid van wijken spelen woningcorporaties een belangrijke rol. De ChristenUnie geeft woningcorporaties de ruimte om innovatief, vraaggericht en toekomstvast te kunnen bouwen, maar biedt daarbij wel duidelijke kaders via een gemeentelijke woonvisie. Tegelijkertijd is het goed als corporaties van de keuzes die zij maken nadrukkelijker verantwoording afleggen aan de lokale samenleving (via hun bewoners, via de gemeentelijke aansturing).
Woningcorporaties dragen zorg voor voldoende sociale huurwoningen. Wanneer zij moeilijkheden ondervinden hun investeringen te financieren, zijn gemeentelijke of provinciale borgstellingen te overwegen. Woningcorporaties spelen ook een rol op de koopmarkt. De ChristenUnie juicht de ‘sociale koop’ toe. Het is goed dat er steeds meer goedkope koopwoningen komen, waarbij woningcorporaties via Verenigingen van Eigenaren medeverantwoordelijk blijven voor het beheer en de woningen uiteindelijk ook weer terugkopen. Dit helpt de kloof tussen huren en kopen te dichten en voorkomt dat woningen uit het goedkope segment voor fikse prijzen de markt opgaan. Woningcorporaties hebben een blijvende taak ten aanzien van de leefbaarheid, op het niveau van de buurt en de wijk. Daarbij organiseren corporaties het leefbaarheidsbeleid niet alleen voor maar vooral mét de bewoners. Het ontstaan van ‘Verenigingen van Wijkeigenaren’ is in dat kader een mooi model.
● De gemeente besteedt in de prestatiecontracten met de woningcorporaties aandacht aan de beschikbaarheid van goede sociale huurwoningen, de leefbaarheid in wijken en de sociale koopsector.
● De belangrijkste taak van woningcorporaties moet zijn: woningen realiseren voor lage inkomensgroepen en anderen die niet zelfstandig in hun huisvesting kunnen voorzien.
● De gemeente Amsterdam stelt met de woningcorporaties doelen op, gericht op het verbeteren van de energiehuishouding van woningen.
● In de woonvisie komen duidelijke afspraken met de corporaties te staan over de volledige verduurzaming van hun woningvoorraad.
● Vrouwen of mannen die uit de prostitutie willen stappen hebben voorrang bij het zoeken naar een sociale huurwoning.

Woningmarkt
Het woonbeleid van Amsterdam moet gebaseerd zijn op de actuele vraag én op toekomstige ontwikkelingen. In de gemeentelijke woonvisie wordt daarom integraal naar de lokale woningmarkt gekeken en worden de noodzakelijke maatregelen beschreven. Naast woningcorporaties, krijgen ook bewonersorganisaties en huurdersverenigingen wat de ChristenUnie betreft een prominente rol bij het opstellen van deze visie.
● Amsterdam biedt starters de mogelijkheid gebruik te maken van de starterslening en het starterscontract. Dit zijn goede instrumenten om (door)starters op de woningmarkt net dat zetje te geven om wel een woning te kunnen kopen en zo de doorstroming te bevorderen op de huizenmarkt.
● Er wordt regionaal samengewerkt tussen gemeenten als het gaat om wachtlijstbeheer, nieuwbouw en studentenhuisvesting.
● De gemeente handhaaft het kraakverbod en actief leegstandbeheer.
● Ouderen in een koopwoning kunnen gebruik maken van een Blijverslening om de woning aan te passen zodat ze er, ondanks toenemende lichamelijke beperkingen, kunnen blijven wonen.
● De gemeente stelt alles in het werk om uitbuiting van huurders te voorkomen, door voorlichting, de aanwezigheid van laagdrempelige juridische hulp en het hard aanpakken van zogeheten huisjesmelkers.

Erfpacht
Het nieuwe stelsel dat nu in Amsterdam is ingevoerd, waarbij de erfpacht eeuwigdurend kan worden afgekocht, is al een sterke verbetering met het oude stelsel waarbij slechts voor een periode van 50 jaar kon worden afgekocht.
De ChristenUnie blijft echter voorstander van eigendom boven erfpacht en vindt dat het afgeschaft moet worden. Dit instrument is niet nodig voor een goed ruimtelijk beleid en geeft de overheid de mogelijkheid om als grondeigenaar via het erfpachtcontract allerlei privaatrechtelijke regels aan de erfpachter op te leggen die een eigenaar niet via deze weg zou hoeven te dulden.

Wijken
Het is belangrijk om als gemeente een duidelijke visie te hebben op de woningmarkt. Maar losse woningen maken niet de buurt of de wijk, dat doen de bewoners, waar nodig geholpen door de gemeente.
● Woonconcepten waarin bewoners (een deel van) hun huur betalen door middel van social return in de wijk wordt aangemoedigd.
● Zorg voor variatie in woninggrootte en -type binnen een wijk, zodat de bevolkingssamenstelling gevarieerd is en mensen een wooncarrière kunnen doorlopen binnen een wijk.
● Ouderen die hulpbehoevend worden, wonen zo lang mogelijk te midden van niet-hulpbehoevenden om de optie van burenhulp te laten bestaan. Contact tussen buren, juist ook met de hulpbehoevenden onder hen, wordt gestimuleerd.
● Bij nieuwbouwprojecten zijn buurtbewoners betrokken die in de wijk wonen en die overwegen naar die nieuwbouw te verhuizen. Dat vergroot de kwaliteit van het ontwerp en de latere betrokkenheid van bewoners bij de buurt.
● Voor de leefbaarheid en sociale veiligheid is het goed als veel woningen een eigen voordeur en (gevel)tuin aan de straat hebben. In hoge appartementencomplexen kan dat toegepast worden voor de benedenwoningen.
● De ChristenUnie is tegen verstedelijking van bestaande dorpskarakters in Amsterdam, zoals die te vinden zijn in Driemond, Zunderdorp, Sloten en Holysloot. Faciliteiten als een buurtsupermarkt worden daar zoveel mogelijk behouden.

8.2 Ruimte

We zijn allemaal verantwoordelijk voor de openbare ruimte. Vanouds beheert de gemeente de ruimte, maar dat kan ook heel goed door bewoners gedaan worden. Als de Amsterdammers het zelf doen, wordt de kwaliteit van het groen hoger en de wijk leuker: de wijk wordt beter onderhouden en het versterkt de sociale samenhang.

Iedereen wenst een leefomgeving waar het prettig wonen, werken en recreëren is. Maar daarvoor moet je wel goede afspraken met elkaar maken. Inwoners, ondernemers en overheden worstelen met het huidige omgevingsrecht: het is te complex en versnipperd. Daarom komt er per 1 januari 2019 een nieuwe wet: de Omgevingswet. Doel van deze wet is het eenvoudiger maken van regels en meer ruimte bieden voor participatie. De nieuwe wet moet de bestaande wetten vervangen en zorgen voor een integrale én gebiedsgerichte benadering. De overgang naar de Omgevingswet is een enorme operatie die niet alleen het ruimtelijke domein aangaat, maar ook het sociale en gezondheidsdomein.

De energietransitie gaat een grote impact hebben op onze ruimtelijke inrichting. In het duurzame tijdperk gaan we allemaal wat merken van alternatieve energieopwekking. Inrichting van de ruimte moet aansluiten bij het eigen karakter van landschappen, dorpen en steden. Daarom is het belangrijk dat ruimtelijke beslissingen zo lokaal mogelijk worden genomen, met veel aandacht voor participatie van inwoners, bedrijven en belangenorganisaties.
● Optimaal voorbereiden op nieuwe Omgevingswet. De gemeente anticipeert op de invoering van de nieuwe Omgevingswet door het bestuurlijk ambitieniveau te bepalen en te investeren in scholing van ambtenaren en raadsleden.
● De gemeente wijst deelgebieden aan waar ervaring opgedaan wordt met het werken onder de nieuwe Omgevingswet.
● Bij de voorbereidingen op de Omgevingswet werkt de gemeente nauw samen met de Provincie en andere overheden.
● Door middel van een (beeld)kwaliteitsplan maakt de gemeente samen met haar inwoners afspraken over de openbare ruimte.
● Ruimte voor energie. Onderdeel van het nationale plan energietransitie is ook een samenhangende visie op de ruimte voor duurzame energieopwekking. Geen wildgroei, maar zorgvuldige planning met participatie van onderop. De gemeente formuleert daarom in de komende periode haar eigen visie op het energielandschap in Amsterdam.
● De ChristenUnie vindt goed beheer en onderhoud belangrijk. Het wegwerken van de onderhoudsachterstand van bruggen en viaducten heeft prioriteit.
● Buurtbewoners worden aangemoedigd om stukjes groen in de wijk te adopteren en krijgen een budget om dit te onderhouden.

8.3 Natuur

De ChristenUnie zet zich in voor het behoud van het landschap, voor de bescherming van het milieu en de biodiversiteit. In een wereldstad als Amsterdam zijn de bossen en parken de longen van de stad. Natuur is kwetsbaar en kan niet voor zichzelf spreken. Er zijn dus regels nodig om de natuur te beschermen. De gemeente moet bijdragen aan behoud, verbetering en een harmonieuze ontwikkeling van de leefomgeving.
● Bij de inrichting van de openbare ruimte wordt rekening gehouden met (historische) landschappelijke elementen.
● Geen bezuiniging op natuur- en milieueducatie.
● Natuur is ‘beleefbaar’ en toegankelijk door de aanleg en onderhoud van goede wandel- fiets- en beleefpaden.
● Samenwerking tussen provincie, gemeente, waterschappen, agrarische sector, Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer en land- en tuinbouworganisaties wordt gestimuleerd.
● Flora en fauna in de Waterleidingduinen wordt beschermd; door overloopgebieden kunnen damherten en andere dieren zich verspreiden naar andere gebieden.
● Toezicht op dierenopvang, kinderboerderijen en maneges staat in het teken van dierenwelzijn.
● Bestrijden van onkruid en ongedierte is biologisch verantwoord.
● Op meer plekken in de stad zijn bijenlinten aangelegd (al dan niet samen met bewoners)
● Stimuleren en aanleggen van meer (kleinschalig) groen. Minder tegels, meer ruimte voor groen, dieren en opvang van regenwater.
● Subsidies voor groene daken en groene muren is aantrekkelijker gemaakt en bij nieuwbouw standaard ingepast.
● Vogelvriendelijk bouwen wordt gestimuleerd.
● Geveltuinen worden standaard aangelegd bij nieuwbouwlocaties
● De besteding van het herplantfonds aan de buurt waar de bomen aan onttrokken zijn wordt verantwoord. Er wordt met bewoners samen nagedacht over herplanting in de wijk. Amsterdammers kunnen een aanvraag doen voor een boom in eigen tuin.
● Het oplaten van (wens-)ballonnen is niet toegestaan, wegens milieubelasting en brandgevaar.